Sensoroplossingen voor doos- en omverpakkingen

In de secundaire verpakking worden primair verpakte individuele producten voor een eenvoudige handling in dozen verpakt of gecombineerd in een omverpakking. Het toepassingsspectrum van onze sensoren is hierbij veelzijdig: vóór de eindverpakking moet worden gecontroleerd of de inhoud van de betreffende verpakking volledig is, of de omverpakkingen correct uitgelijnd worden getransporteerd, en of dozen optimaal gesloten zijn. In doosverpakkingsmachines worden de correcte vulling van de omverpakking herkend, een stapelhoogte opgemeten of de positie van stapels herkend en gecontroleerd.

Schakelende en metende lichtschermen kunnen objecten over de volledige transportbreedte, met een lage resolutie herkennen of opmeten. De metende lichtschermen CML 730 als variant PS zijn hierbij speciaal ontwikkeld voor de detectie van objecten binnen een verpakkingsfolie. Het als compleet systeem beschikbare, modulaire volumemeetsysteem CMS 700i bepaalt het volume van verzenddozen tijdens het transport. Zo kan deze de in het proces nageschakelde palletiseringsinstallatie ondersteunen bij het maken van een correct positiebeeld voor de productstapel op de pallet. De lichtbandsensor uit de serie 46V (VarOS) herkent met een maximaal 45 mm brede lichtband bijvoorbeeld defecte pallets of onderbroken bakken, bijv. manden, op een transportband.

01 Herkennen van opengewerkte objecten

Opgave:
Levensmiddelen worden tussen de verschillende processtappen getransporteerd in kunststofmanden. Voor een betrouwbare herkenning zijn sensoren met een geschikte lichtvlekgeometrie nodig. Kleine onderbrekingen, verschillende kleuren, oppervlakken of reservoirgrootten mogen de detectie niet beïnvloeden.

Oplossing:
De lichtbandsensor RK46C.DXL VarOS herkent objecten betrouwbaar met een 45 mm brede lichtband. De herkenning gebeurt op een willekeurige positie binnen de lichtband. Hiermee worden onregelmatige voorkanten of onderbroken reservoirs, bijv. manden, betrouwbaar gedetecteerd. Aan de tegenoverliggende zijde kunnen standaardreflectoren worden toegepast.

02 Controle op de combinatie van verpakkingen

Opgave:
In een secundaire verpakking moeten meerdere objecten worden gecombineerd en samen worden verpakt. Om ontbrekende onderdelen in de verpakkingen te vermijden, moet de aanwezigheid van de objecten worden gecontroleerd.

Oplossing:
De metende sensor ODS 9 levert afstandswaarden van objecten bij boven elkaar geplaatste sporen op de machine. Met een analyse van een verschilbereik, kunnen bij elkaar horende objecten worden herkend.

03 Controle van de inhoud

Opgave:
Er moet worden gecontroleerd of de doos zoals bedoeld is gevuld. Bij ondoorzichtige verpakkingen is dit een zeer veeleisende taak, waarvoor capacitieve sensoren bijzonder geschikt zijn.

Oplossing:
De capacitieve sensoren LCS controleren bij eensporig transport door de doos heen of een inhoud aanwezig is. De cilindrische bouwvorm van de sensoren maakt een ruimtebesparende integratie mogelijk.

04 Controle van de volledigheid

Opgave:
In de toevoer van een sluitmachine moet de volledigheid en de aanwezigheid van meerdere producten worden herkend. Onvolledige verpakkingen moeten worden uitgesluisd.

Oplossing:
De Simple Vision sensor IVS 108 herkent ontbrekende producten via referentiebeelden of / en via een patroonvergelijking. Met geïntegreerde softwaretools kan de sensor eenvoudig en snel worden aangepast aan uiteenlopende inspectietaken.

05 Documentatie van doosinhoud

Opgave:
Vóór het sluiten van een verzenddoos moet de inhoud voor traceringsdoeleinden worden gedocumenteerd. Hiervoor moet een beeld van de inhoud worden opgenomen en opgeslagen.

Oplossing:
Met de industriële webcam LCAM 308 wordt via een externe activering een individuele kleurenfoto gemaakt. Zo kan de doosinhoud worden gedocumenteerd en via een Ethernet-interface worden verzonden naar een bovenliggende besturing. Het instellen is mogelijk via de geïntegreerde webbrowser.

06 Stapelpositionering

Opgave:
De op een stapel voorbereide vouwdozen moeten automatisch worden afgestapeld, gesepareerd en daarna worden toegevoerd aan het lijm- en vouwproces. Om de nageschakelde processtappen optimaal te kunnen uitvoeren, moet de doosstapel op een bepaalde locatie van de transportband worden gepositioneerd.

Oplossing:
De compacte metende sensor ODT 3C controleert de aanwezigheid van de doosstapel met de schakelende sensorfunctie. De exacte positie van de stapel kan met de metende sensorfunctie via de IO-Link-interface worden doorgegeven.

07 Positie- en aanwezigheidscontrole

Opgave:
In een doosverpakkingsmachine moet het vulniveau van het vouwdoosmagazijn worden herkend. De detectie moet indien mogelijk onafhankelijk van kleur en oppervlak gebeuren.

Oplossing:
De nauwkeurig instelbare lichttasters met achtergrondonderdrukking HT 3C, resp. HT 25C met zichtbare lichtvlek, zijn geschikt voor positie- en aanwezigheidscontrole. Er zijn varianten met verschillende lichtvlekgeometrieën. Een formaatomschakeling met afstandswijzigingen is met de HT 3C.3 via de IO-Link-interface mogelijk.

08 Opmeten van stapelhoogten

Opgave:
Primaire verpakkingen worden gestapeld in het magazijn van een verpakkingsmachine. Voor de toewijzing van de correcte hoeveelheid, moet de stapelhoogte worden bewaakt. Dit vraagt om sensoren met een hoge resolutie en nauwkeurigheid, evenals een nauwkeurige en goed te positioneren lichtvlek.

Oplossing:
De metende sensoren ODS 9 met gestaffelde reikwijdten en laserklasse 1, kunnen eenvoudig en flexibel worden gebruikt voor het opmeten van stapelhoogten. De afstandswaarde wordt als analoog stroom- of spanningssignaal verzonden. De IO-Link-interface zorgt voor een snelle integratie, evenals extra parametreermogelijkheden.

09 Herkennen van posities

Opgave:
De toewijzing, evenals de toevoer van primaire verpakkingen, gebeurt vaak in magazijnen. De positie van deze magazijnen of toewijzingsvingers moet worden herkend, om botsingen te vermijden en om de toevoer aan te sturen.

Oplossing:
Inductieve sensoren herkennen de metaalstructuren van de magazijnen betrouwbaar en positienauwkeurig. Sensoren van het type IS 288 of IS 208 zijn door hun compacte bouwvorm en de gedefinieerde schakelafstanden bijzonder geschikt voor deze toepassing.

10 Beveiligen van gevaarlijke punten bij machines

Opgave:
Bij verpakkingsmachines zijn openingen noodzakelijk bij de in- en uitloop van de machine. Om toegang tot gevaarlijke bewegingen binnen de machine te voorkomen, moeten de openingen mechanisch of met optische veiligheidssensoren worden beveiligd.

Oplossing:
De veiligheidslichtschermen ELC 100 en MLC 500 bieden met hun grote keuze aan lengten van de veiligheidszone en resoluties een geschikte oplossing voor de beveiliging van gevaarlijke punten. Hierbij ligt de focus bij de ELC 100 op een voordelig machinedesign. De uitgebreide serie MLC 500 is zeer geschikt voor speciale toepassingssituaties.

11 Bewaken van veiligheidsdeuren

Opgave:
Voor de toegang tot de individuele machinezones zijn machines uitgerust met deuren en luiken, bijv. voor het wisselen van magazijnen of het reinigen van zones. Deze deuren en luiken moeten tijdens bedrijf gesloten blijven en veiligheidstechnisch worden bewaakt.

Oplossing:
De veiligheidsnaderingssensoren RD 800 bewaken deuren en luiken en bieden met hun RFID-gecodeerde bedieningselementen de hoogst mogelijke bescherming tegen manipulatie. Door de beschermingsgraad IP 69K en de bedrijfstemperatuur tot maximaal 70 °C, kunnen de apparaten veelzijdig worden gebruikt. OSSD-uitgangen en Performance Level PL e zorgen voor een eenvoudige integratie.

12 Herkennen van objecten in folie

Opgave:
Objecten moeten worden herkend in een verpakkingsfolie, zodat een botsing met de sealbalk wordt vermeden. De te verpakken objecten kunnen willekeurige vormen hebben.

Oplossing:
De metende lichtschermen CML 730PS zijn ontwikkeld voor de detectie van objecten in folie. Met de power-settings kunnen verschillende verpakkingsfolies een- of meerlaags worden doorstraald en kunnen de hierin aanwezige producten worden herkend.

13 Herkennen van omverpakkingen

Opgave:
Als flessen en blikken met krimpfolie tot een omverpakking worden omwikkeld, dan moeten deze ook op meersporige transporttrajecten worden herkend. Verschillende verpakkingstypen met transparante folie of verschillende foliebedrukkingen moeten betrouwbaar worden herkend.

Oplossing:
De verpakkingssensor DRT25C.R gebruikt het oppervlak van de transportband als referentie. Hierdoor herkent hij het volledige spectrum omverpakkingstypen. Bij een productwissel zijn daarom geen aanpassingen bij de sensor noodzakelijk.

14 Glansherkenning

Opgave:
Verzenddozen worden na het vullen automatisch afgesloten met plakband. Een sensor moet de aanwezigheid van het plakband herkennen.

Oplossing:
De compacte reflectielichttaster RK 3C herkent het glanzende plakband op de verzenddoos betrouwbaar.

15 Uitlijningscontrole bij omverpakkingen

Opgave:
Als verschillende verpakkingsbreedten op een transportsysteem worden getransporteerd, dan moet de uitlijning van de verpakkingen vóór de palletisering worden gecontroleerd. Het hiervoor toegepaste sensorsysteem moet de volledige breedte van de omverpakkingen en alle voorkomende varianten herkennen.

Oplossing:
Het metend lichtscherm CML 730i in V-plaatsing maakt de beoordeling van omverpakkingen mogelijk op basis van breedte en volledigheid van bovenaf. Hiervoor worden verzonden lichtstralen vanaf het object gereflecteerd naar de ontvanger. Er zijn verschillende straalafstanden en meetlengten beschikbaar.

16 Sluitcontrole bij dozen

Opgave:
Na het vullen worden de verzenddozen automatisch gesloten. Met een controle-inrichting moet worden herkend of de flappen goed zijn gesloten en dichtgeplakt.

Oplossing:
De lijnprofielsensor LRS 36 kan op basis van een referentiecontour niet correct gesloten dozen herkennen. Verschillende referentiecontouren kunnen in de sensor worden opgeslagen en via een digitale interface worden geselecteerd. Door de hoge meetnauwkeurigheid, kunnen zelfs kleine afwijkingen worden herkend.

17 Controle van het verzendlabel

Opgave:
Na het vullen en sluiten van de verzenddoos wordt een etiket aangebracht. De opgedrukte code moet worden gecontroleerd op leesbaarheid en correctheid.

Oplossing:
De codelezer DCR 200i kan zowel barcodes aks 2D-codes decoderen, onafhankelijk van de uitlijning, en vormt zo een flexibele oplossing. De code-inhoud wordt via de geïntegreerde Ethernet-interface verzonden.

18 Volumemeting verzenddoos

Opgave:
Voor een correcte toewijzing van verzendozen, moet het volume worden bepaald. Hiervoor moeten de afmetingen van de doorlopende verzenddozen in alle drie dimensies worden gemeten.

Oplossing:
Het contourmeetsysteem CMS 700i bepaalt tijdens het doorlopen van het object de hoogte, breedte, lengte, hoekstand en positie t.o.v. de transportbandkant. Het complete systeem omvat alle componenten voor installatie en bedrijf. De communicatie gebeurt op basis van ethernet via Profinet en TCP/IP.